Cultuur
Subsidies aan cultuurinstellingen, monumentenzorg en de culturele basisinfrastructuur.
Het bevorderen van een sterke, pluriforme, toegankelijke en kwalitatief hoogwaardige cultuursector en het zorgen voor het erfgoed.
De minister is verantwoordelijk voor de Wet op het specifiek cultuurbeleid, de Wet stelsel openbare bibliotheekvoorzieningen, de Erfgoedwet en de Archiefwet. Volgens de Wet op het specifiek cultuurbeleid is de minister belast met het scheppen van voorwaarden voor het in stand houden, ontwikkelen en sociaal en geografisch spreiden van cultuuruitingen, waarbij overwegingen van kwaliteit en verscheidenheid leidend zijn. De minister heeft een financierende rol door het bekostigen van de culturele basisinfrastructuur en subsidiering van specifieke (wettelijke) programma's en regelingen op het gebied van erfgoed, kunsten en bibliotheken, een stimulerende rol via programma's als cultuureducatie, leesbevordering, cultuurparticipatie en internationaal cultuurbeleid, en een regisserende rol bij de uitvoering van en toezicht op het behoud en beheer van erfgoed en (digitale) archieven.
In 2025 begint de nieuwe Basisinfrastructuur Cultuur (BIS), waarbij extra wordt geinvesteerd in "fair pay". Fair pay gaat over een eerlijke beloning van werkenden in de culturele en creatieve sector. Voor de andere prioriteiten op het terrein van cultuur wordt verwezen naar het onderdeel beleidsprioriteiten van de begroting en naar het regeerakkoord van het kabinet Schoof I.