Slavernijverleden: fonds en herdenkingscomité
Fonds en herdenkingscomité voor bewustwording en erkenning van het Nederlandse slavernijverleden.
Op 19 december 2022 heeft de minister-president namens de regering excuses aangeboden voor het handelen van de Nederlandse staat in het verleden: postuum aan alle tot slaaf gemaakten die wereldwijd onder dat handelen hebben geleden, aan hun dochters en zonen, en aan al hun nazaten tot in het hier en nu. Aan deze excuses zijn maatregelen verbonden die gericht zijn op kennis en bewustwording, erkenning en herdenken en de doorwerking en verwerking van het trans-Atlantisch slavernijverleden. Daarnaast blijft het kabinet zich inzetten voor kansengelijkheid en het bestrijden van discriminatie en racisme.
De minister van Binnenlandse Zaken en Koninkrijksrelaties (BZK) stimuleert dat er duurzaam meer aandacht en erkenning komt voor het slavernijverleden als wezenlijk onderdeel van ons gezamenlijk verleden, evenals de kabinetsbrede opgave om te komen tot duurzame verwerking en bestrijding van de doorwerking die nazaten nog in het heden ervaren. De minister coördineert via een stuurgroep de verdere invulling en voortgang van de activiteiten rondom slavernijverleden, waaronder de subsidieregeling en het op te richten Herdenkingscomité, en ziet toe op de uitvoering van de andere toezeggingen uit de kabinetsreactie die bij overige vakdepartementen belegd zijn. In de uitvoerende rol geeft de minister uitvoering aan de totstandkoming van een subsidieregeling waarmee maatschappelijke initiatieven worden ondersteund die een impuls geven aan meer kennis en bewustwording, viering en herdenking en verwerking van het slavernijverleden.
De betrokken bewindspersonen hebben besloten de beschikbare middelen evenredig te verdelen over de drie geografische gebieden. Voor Europees Nederland is € 33,3 mln. beschikbaar voor de subsidieregeling voor maatschappelijke initiatieven en € 33,3 mln. voor andere maatregelen gericht op kennis en bewustwording, erkenning en herdenken en de doorwerking en verwerking van het trans-Atlantisch slavernijverleden, waaronder de tijdelijke regeling kosteloze naamswijziging, onderzoek en een kenniscentrum. Voor het Caribisch deel van het Koninkrijk is eveneens € 33,3 mln. beschikbaar voor de subsidieregeling en € 33,3 mln. voor andere maatregelen; het overgrote deel van deze middelen is via de eerste suppletoire begroting 2024 overgeboekt naar de betreffende begrotingshoofdstukken. Ook voor Suriname is € 33,3 mln. beschikbaar voor de subsidieregeling en € 33,3 mln. voor andere maatregelen; aan deze middelen wordt nog invulling gegeven.